Joris ter Mors, een langbenige Twentse, schaatste vrijdag zo naar het internationale vrouwenpodium, in een discipline waar ze amper ervaring heeft. Joris ja.

Jorien ter Mors | Foto: Sander Chamid
Joris is de bijnaam die je vanzelf opgelegd krijgt wanneer je sterker bent dan vele anderen. Shorttrackster Jorien ter Mors traint op de fiets vaak met de mannen mee. Voor kopwerk draait ze haar hand niet om en ze smijt in het krachthonk met dezelfde gewichten als Sjinkie Knegt. Wat absoluut niks zegt over de spieren van de Europees kampioen, maar alles over de capaciteiten van Ter Mors.
Het is een bedenksel van haar mannelijke ploeggenoten, dat Joris. Evenals ‘heut’, dat ook slaat op haar kracht. “Tegenwoordig noemen ze mij zelfs vaker zo dan Joris”, zegt Ter Mors. Naar beide namen luistert ze zonder problemen. “Het slaat op het feit dat ik hard kan trainen en dat klopt ook. Ik ben geen zeurkous.”
De 1.81 meter lange Ter Mors is sterk. En wie het ook gevraagd wordt, bekenden van de shorttrackster zijn eensgezind: ze is een hele harde werker. Ter Mors loopt er nooit de kantjes vanaf. Dat kan weleens haar valkuil zijn. “Ze wil zich elke training niet alleen voor honderd procent inzetten, maar ook elke training hard schaatsen. Dat kan niet altijd, maar door schade en schande is ze wijs geworden”, weet de onlangs met shorttrack gestopte Annita van Doorn.
Overtraining
Door haar ongelimiteerde toewijding zat Ter Mors al eens op het randje van een overtraining. Maar de laatste jaren weet ze haar grenzen steeds nauwkeuriger te bepalen. “De balans is nu beter, ik weet door ervaring wat goed bij mij past, waar mijn lichaam positief op reageert en wanneer ik in een training vol kan gaan en wanneer niet.”
Ze is recht door zee, trekt zich van niemand wat aan en zegt wat ze denkt.
“Ik leef voor het shorttrack”, zegt Ter Mors met kenmerkend eenvoudige ernst in haar stem. Ze zet er alles voor opzij. Inmiddels woont de uit Enschede afkomstige schaatsster al vijf jaar in Heerenveen. Veel vrienden heeft ze niet, daar heeft ze weinig tijd voor. Haar grootste hobby is het schaatsen, veel meer heeft ze niet nodig.
Extreme sporten
Als Ter Mors tijd heeft, gaat ze graag naar het strand. De 22-jarige schaatsster heeft een voorkeur voor de wat extreme sporten, zoals bergbeklimmen en vliegeren met een kite. Ter Mors zoekt uitdagingen. In haar appartementje in Heerenveen ligt een grote vlieger van 2,5 à 3 meter, een ‘handzame kite’, noemt ze het. Maar de kite wordt slechts sporadisch uit de kast gehaald. “Ik heb weinig vrije tijd en het kost toch energie”, zegt Ter Mors.
Haar drang naar spektakel verklaart ook haar voorkeur voor shorttrack boven het in Nederland meer gewaardeerde langebaanschaatsen. Zelfs haar derde plaats op de drie kilometer bij haar wereldbekerdebuut brengt daar geen verandering in. Het is simpel: ze beleeft meer plezier in shorttrack, zegt ze. Die keuze maakte ze lang geleden al, en dat is niet veranderd.
Serieuze bedreiging
Dankzij haar vader kwam Ter Mors in aanraking met de schaatssport. Als 11-jarig meisje ging ze elke zondag met hem mee om te schaatsen en al gauw belandde ze via een schoolproject in de shorttrackbaan. Ter Mors: “Ik vond shorttrack toen al veel leuker om te doen.”
Haar carrière ontwikkelde zich snel. Haar trainer bij het gewest Overijssel was tevens de bondscoach, waardoor Ter Mors op 13-jarige leeftijd al mee ging naar trainingskampen in het Duitse Oberstdorf. “Toen had ik al zoiets van, dat talentje gaat ver komen”, herinnert haar voormalig ploeggenote Liesbeth Mau Asam zich.
Het talentje van bijna tien jaar geleden is uitgegroeid tot een serieuze bedreiging voor de langebaanvrouwen. Maar zij hebben geluk. De komende weken staat Joris ter Mors gewoon weer op de spectaculaire shorttrackbaan.